‘Ik kan nog steeds niet geloven dat ik zo’n gave baan heb’ – Interview Valerie (19), glazenwasser bij Nelis Company

Hoe ben je met ‘JA voor een kans’ in aanraking gekomen?

‘Ik heb nooit een goed diploma kunnen halen. Als kind heb ik namelijk veel ellende meegemaakt. Van mishandeling en misbruik tot geweld in de familie. De impact die dat op me had, merkte ik pas in de puberteit. Ik zocht een uitweg in drugs en had niet de goede mensen om me heen. Zo ben ik het verkeerde pad opgegaan. Het ging er echt heftig aan toe. Vanaf mijn 11de jaar ben ik verschillende malen opgenomen geweest in allerlei klinieken, waardoor ik uiteindelijk mijn school niet kon afmaken.

Toen ik eindelijk clean was, verplichtte de gemeente me tot een opleiding. Dit werd logistiek, iets wat helemaal niet bij me past. Ik kwam te werken in een magazijn zonder daglicht wat me enorm depressief maakte. Omdat ik mezelf eigenlijk veel liever in de glasbewassing zag, ben ik op zoek gegaan naar zo’n baan. Via facebook kwam ik in aanraking met Ian Smeyers van Stichting Nelis. Met ‘JA voor een Kans’ kon hij me een betaalde opleiding en cursussen in de glasbewassing aanbieden, waardoor ik daarin kon gaan werken.’

Wat is er zo leuk aan glasbewassing?

‘Je bent lekker buiten en veel met gasten aan het werk en dat spreekt mij wel aan. Ik ben nou eenmaal niet het type vrouw dat alleen omringd wil zijn door vrouwen. Daarnaast hebben glazenwassers het imago dat ze een beetje lijp zijn, en ik hou zelf ook wel van een dolletje.

Mensen onderschatten glasbewassing vaak. Ze denken dat je alleen maar een wisser en een zeem op het raam moet zetten. Maar je moet zorgen dat je alle hoekjes raakt en geen druppels achterlaat, en dat is in het begin best lastig. Als je laat zien dat je serieus bent in je werk, krijg je al snel meer verantwoordelijkheid en zelfs eigen projecten onder je hoede. Dat is erg leuk.’

Image

Hoe ging het bij ‘JA voor een kans’ in zijn werk?

‘Tijdens een eerste bijeenkomst kom je in contact met andere jongeren die ook een kans willen. Dan wordt er gekeken in welke beroepen jij interesse hebt. Een dag later komen er allemaal mensen van verschillende bedrijven, zoals schilders, sporters, bouwers en glazenwassers, vertellen wat je bij hen kunt doen. Tijdens speeddaten kun je vervolgens kijken of je een klik met ze hebt. Als zij ge├»nteresseerd zijn in jou en jij in hen, kan je via ‘Ja voor een kans’ bij hen werken en hopen dat je een baan bij ze binnensleept.’

Wat werd er bij Stichting Nelis van je verwacht?

‘In eerste instantie weinig. Het is belangrijk om in het team te passen en het glasbewassen stap voor stap te leren. Daar kreeg ik echt de tijd voor. Eerst ging ik ladderen en toen tuckeren (wassen van ramen met een telescoopsteel met speciale borstel en osmosewater, red.). Zo krijg je steeds meer verantwoordelijkheid en op een gegeven moment mag je zelf aan de slag. Ik pakte het snel op. Uiteindelijk krijg je een pand om te wassen en het vertrouwen van de baas.’

Wat valt mee en wat valt tegen?

‘Eigenlijk valt niets echt tegen. Klinkt een beetje raar, maar het is echt zo. Het is heel chill als je het naar je zin hebt op je werk en goed contact hebt met je baas. Ik hoef Ian maar aan te kijken en hij snapt al wat ik bedoel. Daar komt bij dat Nelis Company gewoon ook een heel leuk bedrijf is met een mooi verhaal. Zo haalden zowel Ians opa als hijzelf schoffies van de straat, om ze een toekomstperspectief te geven. Ik vind het nog steeds zo bizar, ik heb nog nooit zo’n baan gehad.’

Voordat je bij ‘Ja voor een kans’ kwam, heb je jarenlang in een heel zwart gat gezeten. Waardoor kwam de ommekeer?

‘Ik was er op een gegeven moment lichamelijk heel slecht aan toe. Ik viel heel erg af, had plekken in mijn gezicht en was zo zwak, dat ik mijn enkel op 3 plekken brak toen ik struikelde. Niemand had hoop meer, ikzelf ook niet. Zelfs mijn moeder, die me altijd had gesteund, begon me op te geven. ‘Yes we can’ in de Ardennen, een 10 stappenprogramma om van je verslaving af te komen, zag ik destijds als mijn laatste kans. Het was of zo doorgaan en doodgaan, of een mooi leven kunnen hebben. Dat werkte, omdat ik hier echt van de drugs af moest. Na dit programma heb ik nog 1,5 jaar in Amsterdam gewoond waar ik het 12-stappen programma volgde, een heftige tijd met allemaal oudere mensen om me heen die kampten met verschillende soorten verslavingen. Uiteindelijk kon ik terug naar Den Haag, naar een aanleuninwoning in de Spoorwijk, waar ik meetings volgde als ik een terugval had. Ook ging ik werken bij mijn opa in de horeca, maar werken met je familie samen is niet ideaal.’

Hoe zie jij je toekomst nu in?

‘Om eerlijk te zijn wel rooskleurig. Zo heb ik sinds deze maand een contract gekregen. Binnenkort krijg ik zelfs mijn eerste project in Utrecht, een hotel bij het UMC, waar ik in charge ben. Daar moeten de vloeren en de ramen gedaan worden. Dat vind ik super. Buiten glasbewassing om houd ik de social media bij voor mijn baas. Daar maken we reclame, melden nieuwe crowdfunding of laddertjesdag. En er staan veel foto’s van hoe wij bezig zijn. Ik hoop dat ik hier over 10 jaar nog steeds werk als allrounder, en dat ik dan zelf de jongeren van de straat kan halen. Maar dat zien we dan wel weer, want ik heb geleerd niet te ver vooruit te kijken.’

Zou je dit andere jongeren aanraden?

‘Zeker!’